Oefening: “Zet je gedachte op een stoel”
• Ga zitten op een stoel en zet een lege stoel tegenover je.
• Plaats je negatieve gedachte op die lege stoel, alsof het een personage is dat iets tegen je zegt.
• Zeg vervolgens hardop of in jezelf:
“Ik merk dat mijn brein het verhaal vertelt dat…”
en vul de gedachte in.
Merk op hoe dit kleine taalkundige stapje afstand creëert tussen jou en de gedachte.
• Ga zitten op een stoel en zet een lege stoel tegenover je.
• Plaats je negatieve gedachte op die lege stoel, alsof het een personage is dat iets tegen je zegt.
• Zeg vervolgens hardop of in jezelf:
“Ik merk dat mijn brein het verhaal vertelt dat…”
en vul de gedachte in.
Merk op hoe dit kleine taalkundige stapje afstand creëert tussen jou en de gedachte.
