Oefening
• Ga even zitten en sluit je ogen.
• Stel je voor dat je gedachten voorbijdrijvende wolken zijn.
• Elke keer dat een negatieve gedachte opkomt, benoem je rustig:
“Ik merk op dat ik de gedachte heb dat…”
Bijvoorbeeld: “Ik merk op dat ik de gedachte heb dat ik waardeloos ben.”
• Laat de gedachte vervolgens als een wolk verder drijven, zonder hem weg te duwen en zonder erin mee te gaan.
Waarom dit helpt
• Je creëert afstand tussen jou en je gedachten.
• Je brein leert dat een gedachte geen bevel is, maar een mentale gebeurtenis.
• Je maakt ruimte om te handelen naar je waarden, in plaats van naar je zelfkritiek.
• Ga even zitten en sluit je ogen.
• Stel je voor dat je gedachten voorbijdrijvende wolken zijn.
• Elke keer dat een negatieve gedachte opkomt, benoem je rustig:
“Ik merk op dat ik de gedachte heb dat…”
Bijvoorbeeld: “Ik merk op dat ik de gedachte heb dat ik waardeloos ben.”
• Laat de gedachte vervolgens als een wolk verder drijven, zonder hem weg te duwen en zonder erin mee te gaan.
Waarom dit helpt
• Je creëert afstand tussen jou en je gedachten.
• Je brein leert dat een gedachte geen bevel is, maar een mentale gebeurtenis.
• Je maakt ruimte om te handelen naar je waarden, in plaats van naar je zelfkritiek.
