Als je merkt dat je iets van iemand hebt overgenomen wat eigenlijk niet van jou is. Dat kan één van je ouders zijn, je broer/zus of zelfs je opa of oma. Dit kan je dan gaan belemmeren. Je bent namelijk iets gaan doen, iets op je gaan nemen dat officieel niet jou plek was.
Deze oefening kan je helpen:
1. Pak twee stoelen en zet die tegenover elkaar. (één voor jou en één voor de ander).
2. Neem eventueel pen en papier als je de oefening schriftelijk wilt doen.
3. Adem een paar keer diep in en uit. Voel je lichaam.
4. Visualiseer die ander. Kies er één.
Sluit je ogen en stel je voor dat alsof die ander tegenover je staat/zit.
Kijk diegene aan vanuit je volwassenheid. laat komen wat zich aandient - oordeel niet.
5. Erken de verbinding en de last.
Zeg (hardop of in gedachten): ''Lieve .... Jij bent mijn (rol van die persoon) en ik ben jou (jou rol).
Ik heb van je gehouden zoals ik dat deed - totaal en zonder voorwaarden. Ik heb jou pijn, jouw verdriet, jouw overtuigingen op mij genomen, uit liefde en loyaliteit. Maar het is niet van mij''.
Neem echt de tijd om te voelen wat jij hebt overgenomen.
6. Stel je voor dat je al deze pijn, last en overtuigingen symbolisch in een rugzak of pakket draagt. Voel het gewicht ervan.
Zeg dan: ''Wat van jou is geef ik terug aan jou. Met respect en liefde. Ik laat bij jou wat van jou is en neem terug wat van mij is. Ik hoef het niet meer voor je te dragen''.
Visualiseer dat je het pakket neerlegt bij diens voeten. Als je wilt kun je zeggen: ''Als het voor jou te zwaar is, mag jij het op jouw beurt ook teruggeven aan diegene voor jou'.
7. Zeg: ''Ik kies ervoor om mijn eigen leven te leven. Los van de lasten die niet van mij zijn. Ik eer jou voor wie je bent, en laat jou jouw lot dragen.''
8. Neem even de tijd om te voelen wat er verandert in je lichaam of emotie. Adem rustig en open langzaam je ogen.
Deze oefening kan je helpen:
1. Pak twee stoelen en zet die tegenover elkaar. (één voor jou en één voor de ander).
2. Neem eventueel pen en papier als je de oefening schriftelijk wilt doen.
3. Adem een paar keer diep in en uit. Voel je lichaam.
4. Visualiseer die ander. Kies er één.
Sluit je ogen en stel je voor dat alsof die ander tegenover je staat/zit.
Kijk diegene aan vanuit je volwassenheid. laat komen wat zich aandient - oordeel niet.
5. Erken de verbinding en de last.
Zeg (hardop of in gedachten): ''Lieve .... Jij bent mijn (rol van die persoon) en ik ben jou (jou rol).
Ik heb van je gehouden zoals ik dat deed - totaal en zonder voorwaarden. Ik heb jou pijn, jouw verdriet, jouw overtuigingen op mij genomen, uit liefde en loyaliteit. Maar het is niet van mij''.
Neem echt de tijd om te voelen wat jij hebt overgenomen.
6. Stel je voor dat je al deze pijn, last en overtuigingen symbolisch in een rugzak of pakket draagt. Voel het gewicht ervan.
Zeg dan: ''Wat van jou is geef ik terug aan jou. Met respect en liefde. Ik laat bij jou wat van jou is en neem terug wat van mij is. Ik hoef het niet meer voor je te dragen''.
Visualiseer dat je het pakket neerlegt bij diens voeten. Als je wilt kun je zeggen: ''Als het voor jou te zwaar is, mag jij het op jouw beurt ook teruggeven aan diegene voor jou'.
7. Zeg: ''Ik kies ervoor om mijn eigen leven te leven. Los van de lasten die niet van mij zijn. Ik eer jou voor wie je bent, en laat jou jouw lot dragen.''
8. Neem even de tijd om te voelen wat er verandert in je lichaam of emotie. Adem rustig en open langzaam je ogen.
